Misselijkheid en braken

Wat is het?

Braken is een reflex van het lichaam waarbij de maag zich ledigt.

Hoe krijg je het?

Omstandigheden die tot misselijkheid en braken kunnen leiden zijn emoties, zien of ruiken van onaangename zaken, acute infectieziekten zoals griep, overprikkeling van het evenwichtsorgaan zoals wagenziekte en verhoogde druk binnen de schedel. In de meeste gevallen is het een reactie op vreemde stoffen (bedorven voedsel, vergif of medicijnen) in het lichaam en met name in maag en darmen. Braken heeft dan een beschermende functie. Als er bedorven voedsel in de maag komt, worden er signalen naar de hersenen gestuurd. Het kind voelt zich misselijk en draaierig, wordt bleek en transpireert. De prikkels naar het braakcentrum brengen de braakreflex in gang. Bij het braken wordt door samentrekking van de buikspieren en het omlaag brengen van het middenrif, de totale maaginhoud naar buiten gewrongen. Om te voorkomen dat de maaginhoud de longen inloopt, sluiten de stembanden zich. Onmiddellijk voor en na het braken wordt er veel speeksel afgescheiden. Daardoor wordt het maagzuur geneutraliseerd en de slokdarm weer schoongespoeld. In het braaksel zijn vaak de half of niet verteerde voorafgaande bestanddelen van een maaltijd terug te vinden. Deze kunnen een indicatie van de oorzaak van braken zijn. Ook teveel eten of het nuttigen van te zware kost kan braken veroorzaken.

Wat kun je als ouder doen?

Stel het kind gerust.Laat het kind diep zuchten, dat helpt bij een misselijk gevoelFrisse lucht kan helpen.Raadpleeg een arts als het braken blijft voortduren.Ga na of het kind iets ‘vreemds’ gegeten heeft.

Beleid Plukkebol


Kinderen mogen naar Plukkebol komen tenzij:

  • het kind te ziek is om aan het dagprogramma deel te nemen.
  • de verzorging te intensief is voor de pedagogisch medewerkers.
  • de misselijkheid en/of het braken gepaard gaan met koorts vanaf 38,5 graden Celsius. Kinderen onder de 4 jaar dienen minimaal 24 uur koortsvrij te zijn, voordat zij weer naar Plukkebol mogen komen. Zo heeft het kind voldoende tijd gehad om te herstellen. Heeft een kind kort een uitschieter gehad in zijn/haar temperatuur rond de 38,5 graden Celsius, dan mag hij/zij worden gebracht zodra hij/zij koortsvrij is.